Weten e-bikers nog hoe efficiënt de fiets eigenlijk is?

Foto van een fiets op het bovenrek van een fietsenstalling bij een station in Nederland.

Een van de meest vernuftige manieren van het overbrengen van kracht van jezelf naar een machine is de fiets. Het mechanisme is, bij de juiste afstelling, al een eeuw of langer de meest briljante en eenvoudige vinding van de mens om zichzelf mega-efficiënt voort te bewegen.1

Ik ben bang dat sommigen dit staaltje technisch vernuft vergeten zijn doordat ze alleen nog elektrisch fietsen.

Zelf gebruik ik voornamelijk hybride fietsen waarbij ik de accu meestal thuislaat en de weerstand van de motor in het voorwiel praktisch te verwaarlozen is. Waarom laat ik de accu thuis? Ik merk dat ik trapondersteuning gewoon weinig echt nodig heb.2 Hoezo? Omdat de fiets gewoon zo bizar efficiënt is. Ik denk dat ik een groter verschil merkte toen ik een kleine zes kilogram lichter was na een kleine dieetaanpassing…

Wat me direct brengt bij: waarom zijn e-bikes vaak zo onmeunig zwaar? Daar is ook niet mee te fietsen, althans, niet lekker zonder battery power. Wanneer is een fiets eigenlijk nog een fiets?

Dat brengt me bij een volgende vraag, namelijk: weten mensen die alleen nog maar ondersteund fietsen nog hoe efficiënt de fiets in combinatie met hun eigen lichaam is? Ik begrijp dat er allerlei omstandigheden te verzinnen zijn om wél elektrisch te fietsen. Uiteraard. Toch, voor de gemiddelde stadsrit van een paar kilometer, is het voor de meeste mensen écht niet nodig. Tenzij je natuurlijk op een veel te zware elektrische fiets fietst waar je de motor niet fatsoenlijk af kunt sluiten en daardoor altijd betrekkelijk veel extra weerstand voelt. Sommige fietsen zullen snel door de mand vallen als fiets en eigenlijk een ander label moeten hebben.

Mensen ontkennen hun eigen kracht. Hun eigen lichaam en de kwaliteiten ervan. Ze vergeten het en verwaarlozen het zo op de koop toe terwijl ze in veel gevallen dagelijks de allersimpelste en goedkoopste sportschool kunnen gebruiken omdat ze in een land leven met redelijk briljante fietsinfrastructuur.3

Het lijkt me een prima toekomstbeeld als (hybride) e-bikes lichter worden, zodat ze ook goed te befietsen zijn. Daarnaast zijn lichtere fietsen gewoon veel veiliger voor iedereen (mocht dit berusten op een boerenverstandmisverstand, laat het weten!). Je ramt anderen minder hard en het is makkelijker de fiets overeind te houden als je niet fietst of wilt op- of afstappen.4 Heel handig voor al die oudere mensen.

Een stad waar mensen ondersteuning gebruiken, maar wel met een volstrekt normale kruissnelheid fietsen, ergens rond de 17 kilometer per uur, lijkt me prima. De rest die probleemloos die snelheid haalt met de eigen beentjes: hoppa. Dat is een heel wat fijnere plek, daar waar mensen normaal optrekken in plaats van snel wegschietende powerbanks op wielen.

  1. De bewering ‘meest efficiënte overbrenging’ verdient natuurlijk wat nuance. Ten eerste: de fiets moet goed onderhouden zijn, de fietsketting moet goed zijn, de tandwielen moeten soepel draaien en de banden moeten voldoende opgepompt zijn. Daarnaast spelen de houding van de fietser, de luchtweerstand, het extra gewicht dat op/met de fiets wordt meegenomen en wat al niet meer, ook belangrijke rollen. ↩︎
  2. Het kan natuurlijk zijn dat je soms gewoon ziekig bent, honderdduizend kilo mee moet slepen aan fietstassen en zo, eigenlijk gewoon een stuk verder moet fietsen dan waar je normaal de fiets voor gepakt zou hebben, je je ineens toch heel oud voelt (of bent), het zo heet is dat elke inspanning eigenlijk al te veel is, enzovoort. Dan is een accu fijn. Natuurlijk. Niemand ontkent dat. Ik pleit hier voor de gemiddelde stadsrit zonder accu. ↩︎
  3. Uiteraard zorgt ook een e-bike voor enige beweging. Het is, zeker bij vervanging van auto- of ov-ritten, altijd nog beter dan niets. ↩︎
  4. Nu is technisch gezien het gewicht van de fiets in veel gevallen waarschijnlijk verwaarloosbaar. Komt die tweede wet van Newton toch weer van pas. ((p = mv), waarin (p =) impuls, (m =) massa en (v =) snelheid, nou ja, ga maar rekenen) ↩︎

E-bike, gewichtige zaak met een blauw lampje

Foto van een opgevouwen Lemmo Zero met accu er los naast

Mamils, je kent ze wel: Middle Aged Men in Licra. Met hoge snelheid racen ze door onze dorpjes heen die liggen aan smalle dijkweggetjes. Vele duizenden euro’s geven ze uit aan lichte fietsen. Ze vergeten alleen even hun eigen buik. Maar het moet gezegd: zij bewegen zich nog voort op eigen kracht. Als het goed is.

E-bikes, elektrische fietsen, zijn ook aan de gewichtige kant en lijken, net als auto’s, last te hebben van een soort SUV-besitas of autobesitas. Inmiddels zijn veel van deze fietsen zo zwaar dat trappen zonder motor echt geen pretje is.

Ik blijf erbij dat elektrische ondersteuning echt heel handig is. Dat wil zeggen: soms, niet altijd. Bij voorkeur niet in de stad, uitzonderingen daargelaten. Ik denk dat dit voor de meeste mensen zou moeten gelden.

Ik schreef vaker over mijn omgebouwde oer-VanMoof no. 5 met een Swytch-voorwiel en tegenwoordig 2 verschillende accu-packs: een lichte en een zware. Zonder die accu’s weegt die fiets een fractie meer dan vroeger. Met accu valt het ook nog mee, want zo groot zijn ze ook weer niet.

Nu bleek er enkele jaren geleden toen ik deze configuratie op mijn fiets kluste, dat er een Duits merk bestond (Lemmo) dat er prat op ging dat je de fiets zonder accu net zo makkelijk kunt gebruiken als met. Toen dacht ik al: moet ik die niet kopen? Aangezien het VanMoof-debacle nog vers in het geheugen lag dacht ik: misschien niet een nieuw merk met snufjes kopen.

Inmiddels heb ik van dat merk de opvouwbare versie want ik ben aan de vouwfiets toe. Dat is ineens zo. Eerst hoopte ik een 2dehands Brompton op de kop te kunnen tikken, maar uiteindelijk denk ik dat vooruitgang niet ligt bij het in stand houden van oude ideeën en we voorts moeten.

In mijn ogen is de wel/niet-elektrische fiets de meest logische toekomst voor fietsen in Nederland. Je hebt het voordeel dat je veel makkelijker veel verder kunt dan zonder en zo dus minder vaak een auto zult pakken. In de meeste gevallen zal je de accu niet eens nodig hebben en áls je dan een keer toch écht tegen de wind in moet en je de accu niet bij je hebt, tja, dat is dan maar een keer zo. Je regenpak heb je ook vaak niet bij je als het nodig is. Wel belangrijk dat je geen extra weerstand hebt bij fietsen zonder accu.

Daarom wil ik ook pleiten voor een merkteken waardoor duidelijk is of je wel/niet elektrisch fietst. Zo weet iedereen of je gewoon zelf stevig doortrapt of dat de trappende medemens stiekem toch de turbo heeft aangezet.

Hoe? Ik zou zeggen: zorg voor verlichting, bijvoorbeeld een blauw op de straat geprojecteerd licht. Fiets je elektrisch? Dan schijnt het blauwe licht. Trap je gewoon, dan niet. Voor de doemdenkers: tuurlijk kan zoiets gehackt worden, maar de meeste mensen doen dat gewoon niet.

Dus zie je een blauwe gloed? Dan weet je waar snelheid vandaan komt. Geen gloed? Dan wordt er gewoon zelf getrapt.

Kunnen we direct van de obese fietsen af. Zou toch prettig zijn. Noemen we die gewoon weer brommer of scooter.

PS: ik kwam er later achter dat een vergelijkbaar merkteken gebruikt wordt in China voor auto’s die rijden met (vrijwel) zelfrijdende functies: een blauwe lamp. Met andere woorden: zo gek is het niet!

Formaat elektrische auto’s

Schaalvergelijking vooraanzicht van drie auto's naast elkaar. Links de Volvo 240 (1.710 × 1.480 mm, 1.243 kg), in het midden de MINI Cooper (1.744 × 1.432 mm, 1.335 kg), rechts de MINI Countryman (1.843 × 1.656 mm, 1.620–2.075 kg). De Volvo 240 en MINI Cooper zijn vrijwel even breed, maar de MINI Countryman is op alle dimensies groter dan de Volvo uit de jaren 80.

Auto’s zijn gigantisch. Bizar groot. Een Volvo 240 uit de jaren 80 kan een moderne Volvo EX90 als garage gebruiken.

Bizar

Het meest bizarre is dat mensen denken dat een auto groot moet zijn als die elektrisch is. Dat is niet zo.

Een kleine lichte elektrische auto heeft een veel grotere range dan een veel grotere met eenzelfde accupakket. Met andere woorden: er is een bizar beeld ontstaan van hoe een auto eruit moet zien.

Dit komt doordat de transitie van ‘normaal’ formaat naar SUV in Europa ongeveer gelijkt loopt met de overgang naar elektrisch rijden.

Niet groter, maar kleiner en gestroomlijnder

Elektrisch rijden vraagt niet om een grotere, zwaardere bak, eerder om een kleinere, gestroomlijndere bolide.

Het is jammer dat er geen vooruit­gangsgevoel zit in de immer uitdijende e-auto.

Ze zijn lomp en lelijk. We noemen dat dan ‘stoer’ of ‘robuust’. Vergelijkbaar met hoe een makelaar een huis omschrijft met een unieke indeling en uitzicht op een patio. Lees: onmogelijke in te richten en u kijkt uit op een troosteloos binnenplaatsje.

Kort gezegd

Doe de SUV in de ban. Nu.

Factcheck van beweringen in blog:

Eerst vergeleek ik de Volvo 240 met een Mini Cooper en later de Countryman. Het leek alleen logischer de auto met een moderne Volvo te vergelijken.

AutoBreedteHoogteLengteGewicht
Volvo 240 (jaren 80)1.710 mm1.480 mm4.790 mm1.243 kg
MINI Cooper (2024)1.744 mm1.432 mm3.876 mm1.335 kg
MINI Countryman (2024)1.843 mm1.656 mm4.433 mm1.620–2.075 kg
Volvo 240Volvo EX90Verschil
Breedte1.710 mm1.964 mm+15%
Hoogte1.480 mm1.744 mm+18%
Lengte4.790 mm5.037 mm+5%
Gewicht1.243 kg2.689 kg+116%

Daarna dacht ik: laat ik de oude Volvo eens ombouwen naar elektrisch, eerst in de 300 kW-variant en daarna in de 85 kW-variant (de originele hoeveelheid power van het benzinemodel uit de jaren 80)

AutoGewichtRangeVermogen
Volvo 240 origineel (benzine)1.243 kg~665 km85 kW
Volvo 240 electric (85 kW)~1.480 kg~600 km85 kW
Volvo 240 electric (300 kW)~1.570 kg~600 km300 kW
Volvo EX902.818 kg~600 km300 kW

En over de SUV-trend: die begon in Europa al wel iets eerder, maar het is niet zo gek dat het gevoel bij velen leeft dat een SUV nodig zou zijn voor zaken als afstand, etc. Maar het is dus echt totaal onnodig.

Uiteraard is in veel gevallen OV nog vele malen logischer. Of een (elektrische) fiets.

Schaalvergelijking vooraanzicht van drie auto's naast elkaar. Links de Volvo 240 (1.710 × 1.480 mm, 1.243 kg), in het midden de MINI Cooper (1.744 × 1.432 mm, 1.335 kg), rechts de MINI Countryman (1.843 × 1.656 mm, 1.620–2.075 kg). De Volvo 240 en MINI Cooper zijn vrijwel even breed, maar de MINI Countryman is op alle dimensies groter dan de Volvo uit de jaren 80.
Zijaanzicht
Vooraanzicht op schaal van drie auto's over elkaar heen gelegd, gecentreerd op dezelfde grondlijn. De MINI Countryman (oranje omtrek) vormt de grootste silhouet en steekt aan alle kanten uit boven de Volvo 240 (blauwe omtrek) en de MINI Cooper (groene omtrek). De Volvo 240 en MINI Cooper overlappen bijna volledig qua breedte. Maatlijnen tonen het verschil: de Countryman is 1.843 mm breed en 1.656 mm hoog, tegenover 1.710 mm breed en 1.480 mm hoog voor de Volvo 240. Een moderne 'Mini' is groter dan een Volvo uit de jaren 80.
Vooraanzicht

Volg deze blog op Mastodon of het Fediversum om updates direct in je feed te ontvangen.

Krijn Soeteman
Krijn Soeteman

Wetenschapsjournalist, podcastmaker en dagvoorzitter

273 berichten
19 volgers

WhatsApp en Meta AI: de ideale plek voor een chatbot

Beeld: screenshot 7 augustus 2025 van WhatsApp versie 2.25.20.82 Tekst in beeld: Vraag het Meta Al of voer een zoeko... I want help with a work assignment I need help fin I want to plan a wedding I want to feel less stresse July 17 I want to plan something I want to understand a ne Ongelezen Foto's Video's Links

“Vraag Meta AI alles” is de weinig geruststellende openingszin van de chatbot van WhatsApps moederbedrijf. Vooral als je even verder leest waar staat dat “Sommige berichten kunnen onjuist of ongepast zijn”.

Beeld: screenshot 7 augustus 2025 uit WhatsApp versie 2.25.20.82. 
Tekst in beeld:
Vraag Meta Al alles
Meta Al is een optionele dienst van Meta die gebruikmaakt van Al-modellen om antwoorden te geven. Meta Al kan alleen berichten lezen die mensen met Meta Al delen. Meta kan geen andere o berichten lezen in je persoonlijke chats, omdat je persoonlijke berichten end-to-end versleuteld blijven. Deel geen informatie, zoals gevoelige onderwerpen, over anderen of over jezelf waarvan je niet wilt dat de Al deze bewaart en gebruikt. Meta deelt informatie met bepaalde partners zodat Meta Al relevante antwoorden kan geven. Berichten worden gegenereerd door Al. Sommige ige berichten kunnen kunnen onjuist onjuist of of ong ongepast zijn.
Je communicatie met Al's wordt niet gebruikt om Al bij Meta te verbeteren. Lees meer over het Privacybeleid van Meta en je rechten. echten
Op je gebruik van WhatsApp is het Privacybeleid van WhatsApp van toepassing. Als je Meta Al gebruikt, ga je akkoord met de Al-voorwaarden van Meta. Meer informatie
Beeld: screenshot 7 augustus 2025 uit WhatsApp versie 2.25.20.82

Met de implementatie van de chatbot komt het volgende gevecht om de online mens in een ander daglicht te staan: de meest gebruikte app in Nederland gaat je volledig vastgrijpen en nooit meer loslaten.

Chatten doen de meeste Nederlanders en honderden miljoenen anderen al hoofdzakelijk binnen WhatsApp. Dat doen ze met vrienden, collega’s, vijanden, groepen en bedrijven. Zo lijkt gaan chatten met een chatbot om wat voor reden dan ook een heel kleine stap.

Zoekmachine-oorlog

De grootste stap is eigenlijk dat de zoekbalk bovenin de applicatie nu veel prominenter is. De tekst is ook veel dwingender, namelijk

“Vraag het Meta AI of voer een zoekopdracht…”

Bij mijn telefoon is het vervolg niet te lezen, al zal dat bij bredere/grotere schermen wellicht anders zijn. De boodschap is simpel: Zoek Met Meta AI. Gebruik Me Als Zoekmachine. Ik Ben Je Nieuwe Google! En je nieuwe ChatGPT!

En daar gaat het natuurlijk om. Steeds meer mensen gebruiken de ChatGPT-app als soort van veredelde zoekmachine, hoe stom onverstandig dat ook is. Iedereen zou heel goed moeten weten dat Ai’s het vaak best aardig doen, maar ook best vaak niet. Een antwoord lijkt bijna altijd waar omdat het zo keurig en netjes geformuleerd is. Juist daarom is het zo link: het is niet zo erg als een triviaal dingetje net niet klopt, maar als iets heel belangrijks net niet klopt kan dat ernstige gevolgen hebben. *

De ChatGPT-app staat al bij veel mensen op hun telefoon en ze gebruiken het voor van alles, het voorlezen van teksten, het maken van handige lijstjes, het uitvoeren van acties. Je kunt het zo gek niet bedenken. En zoeken dus.

Omdat de zoekmarkt nu ineens voor het eerst in lange tijd opengebroken lijkt, is het voor elk bedrijf met een min of meer functionerend taalmodel, want dat zijn de kunstmatige intelligenties waar we het over hebben, tijd om zieltjes te winnen. Hop! Kom bij mij! Ik geef je alles!

Privacy? Ja? Nee?

Nu is het wonderlijke dat Meta zegt dat de communicatie met de chatbot niet gebruikt wordt om het taalmodel bij Meta te verbeteren, terwijl als je op het linkje ‘AI bij Meta’ klikt in het beginscherm, daar her en der wel staat dat je interactie gebruikt kan worden voor verbetering. Misschien dat mijn in het verleden ingevoerde bezwaar toch ergens aan gelinkt is?

Privacy of niet, ik ga er niet vanuit dat je die hebt bij bedrijven als Google, OpenAI, Meta, X of Amazon, om de bekendste vijf eens te noemen.

Zou dit nou de druppel zijn voor velen in ons land en daarbuiten om eens te stoppen met WhatsApp? Ik ben bang van niet…

Edit: na het publiceren van het artikel, kwam ik erachter dat er toch een privacyprobleem is: namelijk dat groepschats wel gelezen kúnnen worden. Hoe dit zit legt RTL Nieuws keurig uit, het gaat erom ‘geavanceerde privacy voor chats’ aan te zetten in groepschats. Waarom dat ‘geavanceerd’ is, dat kun je je afvragen, nog meer reden over te stappen op andere apps…

* Er bestaat een aardige manier die problemen te omzeilen door altijd te vragen waar de informatie vandaan komt en sommige bots doen dat al automatisch, het blijft om twee redenen onverstandig: mensen vergeten te letten op dat soort aanwijzingen en, minstens zo belangrijk: een zoekopdracht is vele malen energie-intensiever dan die via een gewone zoekmachine (al is dat misschien wel achterhaald omdat de meest gebruikte zoekmachine Google nu overal slechte Ai-samenvattingen bij maakt).

Beeld: screenshot 7 augustus 2025 van WhatsApp versie 2.25.20.82
Tekst in beeld:
Vraag het Meta Al of voer een zoeko...
I want help with a work assignment
I need help fin
I want to plan a wedding
I want to feel less stresse
July 17
I want to plan something
I want to understand a ne
Ongelezen
Foto's
Video's
Links
Beeld: screenshot 7 augustus 2025 van WhatsApp versie 2.25.20.82

Portfolio Pixelfed: Instagram-vervanger

Al van gehoord? Pixelfed? De Fediverseversie van Instagram? Gemaakt voor, nou ja, een appel en een ei?

Het werkt net als andere Fediversezaken, zoals #Mastodon met #hashtags. Leuk om een beetje de wereld te verkennen. Geen censuur, maar wel mensen die bedenken dat het soms aardig is een kiekje wazig te maken met een zogenaamde ‘content warning’.

Net als Mastodon kun je verschillende servers kiezen, maar ook inloggen met andere fedi-accounts, zoals in mijn geval die van mastodon.nl. Blijvertje? Vast wel. Gaat het de commerciële machten inbinden? Ik vrees van niet, althans, nog niet.

Hieronder een foto vanaf mijn pixelfed-account en klik voor mijn portfolio. Nog weinig aan te zien trouwens.

Foei! Geen telefoon op de fiets!

Althans, dat was wat een man me toeschreeuwde toen ik mijn telefoon uit mijn zak haalde om de tijd te checken. Want ja, ik ben het volledig met de beste man eens dat je geen telefoon tijdens het fietsen moet gebruiken.

Alleen had de beste man zelf ook iets op waarvan ik denk: is dat nou zo handig? Wat droeg hij op z’n hoofd: een noise-cancelling-headphone.

Citaat uit “The Social Ideology of the Motorcar”

Teksten die je eens in de zoveel tijd uit de kast haalt om iets kracht bij te zetten of te verduidelijken. Citaten die heel praktisch zijn, en waar je vaak de herkomst van vergeet. Gelukkig kom je ze af en toe weer tegen, ook met het onderstaande citaat uit “The Social Ideology of the Motorcar” van André Gorz.

“Unlike the vacuum cleaner, the radio, or the bicycle, which retain their use value when everyone has one, the car, like a villa by the sea, is only desirable and useful insofar as the masses don’t have one.”

Ik kwam het tegen in een artikel over de auto en over luxeproducten die op den duur onmogelijk nog weg te denken zijn. De auto heeft alleen het probleem dat als er heel veel van zijn, je vanzelf ook last krijgt van opstoppingen op de weg en dit heeft volgens Gorz niet te maken met de capaciteit van wegen, maar een simpel gevolg van autobezit voor iedereen.

Voor nog veel meer inzichten, lees het artikel op Plough.com.

Kill the streak

Na 1661 dagen heb ik mijn Duolingo-streak beëindigd. Zo, dat is het. Eindelijk.

Over ‘de streak’ als fenomeen is veel geschreven. Ze houden mensen heel goed bij de les, ook al win je er niks mee. Uiteraard is het goed met grote regelmaat een taal te oefenen, maar of je er als inmiddels oud en bijna bejaard persoon nog wat van opsteekt is de grote vraag.

Het gaat me niet om de vraag of ik er nog wat van opstak. Het gaat me om de druk. Elke keer krijg je te horen dat het slechts gaat om een paar minuten per dag! Klopt. Elke keer krijg je te horen dat je het zo goed doet! Klopt vaak niet. Ik deed maar wat, op het laatst vooral in het Engels want die taal had ik uitgespeeld. Daar hoefde ik geen seconde over na te denken en maar een lesje om de streak te behouden. Elke dag weer. Ook klikte ik steeds aan in dat lesje dat ik niet kon luisteren, want dat scheelde nog irritantere oefeningen en vaak was je dan in een keer aan het eind van de les (Supersnel! in 0:15 minuten!). Van dat hele Engels leerde ik natuurlijk geen klap. Geen enkel woord was mij ooit onbekend.

Frans

Ik begon ooit met Frans omdat we een huwelijk in Frankrijk zouden hebben en Fransen van een bepaalde leeftijd over het algemeen nog slechter Engels spreken dan ik Frans, namelijk niets tegen heel weinig. Dat heel weinig wilde ik iets opvijzelen. Door covid werd het huwelijk een jaar uitgesteld en al snel had ik anderhalf jaar Duolingo op de rol staan. Toen nog Engels-Frans trouwens, Nederlands-Frans was er nog niet. Later wisselde ik naar Spaans omdat er een conferentie in Colombia aan zat te komen. Die werd ook uitgesteld door corona en inmiddels zat ik aan 2,5 jaar. Het betekende wat wisselen tussen Frans en Spaans.

De druk van het dagelijks iets doen was er wel, en toch had ik het gevoel dat ik het ergens voor deed. Alleen hoeveel zin had het eigenlijk?

Ik denk dat ik zeker wat basisbeginselen van de Franse taal heb opgefrist, mede omdat ik het enkele jaren op de middelbare school had. Helaas leer je vooral heel veel woorden niet die je zou willen leren voor een conversatie met volwassenen. Of überhaupt de logica van een taal. Die zou je moeten leren door allerlei testjes van over het algemeen 15 oefeningen of ‘conversaties’ waar je heel basale dingen in moet doen. In eerste instantie kon je binnen de app of op de pc via de website wat tussen testjes heen en weer springen, je had moeilijke en makkelijke, en je kon beperkt kiezen tussen verschillende interessegebieden. Dat is inmiddels al lang overboord gegooid. Je moet het pad volgen, waardoor eigenlijk alles makkelijker is geworden: je hoeft nooit meer echt moeite te doen om iets te halen. Uiteraard voor de bühne bedoeld om het leren effectiever te maken (tekst gaat verder onder afbeelding).

Na 1661 dagen, zes mogelijke streak freezes is de reeks nu echt klaar

Bij Spaans vond ik het helemaal lastig: ik leerde ooit als net-puber-af Spaans in Salamanca met een woord en vervoeging voor ‘jullie’ dat lijkt op het Franse ‘vous’, ofwel ‘vosotros’, maar dat woord bestaat eigenlijk niet in Latijns Amerikaans Spaans en dus ook niet in Duolingo. Op zich is dat niet heel erg, al blijft ‘ustedes’ (de formele vorm van ‘jullie’) gebruiken voor mij raar klinken. En toch ging het niet echt lekker, al die zinnetjes in Duolingo waren geen probleem, lekker babbelen is er niet uit voortgekomen. Waarom niet? Weet ik niet zo goed, ook niet na zeker meer dan een jaar Spaans in de app. Converseren in logische zinnen die elkaar opvolgen, dat leer je uiteindelijk door het te doen, echt verhaaltjes te moeten schrijven en lezen én bepaalde kennis van een taal te hebben. Vergeet niet: ik heb echt best lang geduolingo’d en was tot eind 2023 best fanatiek. Tot ik weer nét níet op nummero uno wist te eindigen van de zogenaamde diamond division. Kwaad gooide ik mijn telefoon in de hoek van de bank. De gamification kwam me mijn neus uit. Begin 2024 ging ik er dus met de pet naar gooien, maar de streak-verliesangst bleef.

De druk, die verdween niet ondanks het uitblijven van echt succes. Was het nou zo veel werk? Ja, het houdt je de hele tijd bezig. Je krijgt een melding (of niet, ik heb het lang uitgezet), je wilt die streak behouden. Je hebt zogenaamde streak freezes die ik een heel enkele keer nodig had omdat je door omstandigheden misschien toch een keer miste. Telkens blijft het in je achterhoofd hangen.

Ook die paar minuten, drie, vijf, een keer 15 of langer, echt niet heel veel, ze verstoren je concentratie of juist je eigen tijd als je net uit concentratie komt. Elke keer weer. Het is gewoon niet goed. Je hele telefoon is misschien niet goed en dit is een goed voorbeeld van afleiding. Nee het is geen social media en daardoor lijkt het nuttig. Maar is het nuttig? Tot op zekere hoogte misschien, om een taal bij te houden, weer even op te frissen en als je echt jong bent kun je er misschien nog een taal mee leren.

Enfin, de streak is stuk na 1661 dagen. Het heeft even geduurd, maar ik ben weer vrij. Streaks zijn marketing, ze zijn goed voor bedrijven want goed voor de omzet en die bedrijven beweren dat het goed is voor jou. Dat laatste mag je, nee, moet je in twijfel trekken.

Maak van de fatbike wat het is: een brommer

A weirdly deformed picture of a fatbike in an Amsterdam like environment created by Dall-E

Het ziet eruit als een brommer, maar het is er geen. Waarom niet? Omdat het bepaalde eigenschappen heeft die onder ‘fiets’ vallen. Toch lijkt het ding meer op een ouderwetse Mobilette dan een fiets. Zo’n Mobilette was een brommer met trappers. Je kon er eventueel mee fietsen, maar handig was het niet. De hoek van je benen was onjuist, het ding zelf was eigenlijk te lomp. Het was dan ook een brommer. Geel plaatje nodig.

Nu is er al enkele jaren een ding op de markt waar ik al regelmatig een column of artikel over wil schrijven. Telkens toch niet, want ik word er chagrijnig van. Nu dan toch.

Om bepaalde redenen, namelijk: trappers, geen gashendel en een motor onder de 250 watt, maken dat een fatbike onder elektrische fietsen valt. Verder ziet het eruit als een brommer. Het heeft banden die je op een fiets nooit zou vinden. Het is een vermomde brommer. Een probleemgeval vooral.

De ambtenaar die dit goedgekeurd heeft als elektrische fiets zou op een matje geroepen kunnen worden, maar men zou de schade voor de kopers van de apparaten die dachten een ebike te kopen kunnen verhalen op de lobbyisten die dit ding erdoor hebben weten te drukken. Ook bij de fabrikanten, die ook heel goed weten dat de dingen op den duur een andere status dan ebike zullen krijgen. Misschien zelfs geheel verboden. De kosten die de kopers maakten zouden door deze marketingpartijen vergoed moeten worden. Maar goed, daar zijn we nog niet.

Eerst nog 10 jaar steggelen over de status van de apparaten? Liever niet.